|
Black Rebel Motorcycle Club
Het was vooral black. Maar dat lag aan de vierkante doos waarin we onszelf gepropt hadden.
Was het rebel? Was het rebel? Ik denk dat de hele Melkweg zo graag rebel wilde zien dat dat bij voorbaat moest mislukken.
Misschien was het vooral een motorcycle club... Ook leuk.
Ze raasden door, soms mochten ze maar 80 en dan was het een beetje van hoelaatisheteigenlijk. Maar we eindigden ergens op een rulle zandroute zonder enig spoor van verkeersregels. Dat maakte alles goed.
En ik stond vooral langs de kant.
Waar ik ook sta, ik sta langs de kant.
'Hier is het gangpad' is mijn middennaam.
Sorry hoor...
...voor de rommel.
Ik verwachte geen bezoek.
In elk geval niet zoveel.
Beslissing
Er is zo'n moment dat je besluit dat de zomer voorbij is.
Gewoon, omdat het nu wel welletjes is.
De zomer was mooi, we hebben genoten. We willen vooral degene bedanken die dat alles mogelijk heeft gemaakt. Tot snel weer.
Op naar de warme sjoko en dikke sokken.
Gisteren heb ik mijn zomer in de rechter bedbox gestopt.
Van nu af aan draag ik weer laagjes, eet ik stevig en blijf ik 's avonds binnen.
Ik ben benieuwd wat er allemaal op tv komt.
Het schijnt best mooi weer te zijn nog steeds.
Ik zag zelfs nog mensen met open schoenen en blotebuikrandjes.
Maar mij maak je niks wijs.
De herfst is begonnen.
Pauze
In Rome kun je heel lekker eten.
En veel ook.
Je krijgt er wel dikke voeten.
Ik heb de paus gehoord.
Ik heb de paus gehoord.
Had ik al verteld dat ik de paus had gehoord?
Hij was te ziek om op te staan. Daarom hadden ze hem alleen maar iets laten inspreken. Op een bandje. Neem ik aan.
Anders had ik hem nog gezien ook.
Het ging eigenlijk per ongeluk.
Ik deed het niet expres.
Ik kwam op het Sint Pietersplein, want ik was nou eenmaal in Rome.
Zo gaan die dingen.
Het was zondag en het was 12 uur.
Wist ik veel.
Daar hoorde we een meneer de paus aankondigen in 13 talen.
De paus klinkt niet zo goed, jongens.
Als je het mij vraagt is het kwestie van tijd of hij overlijdt.
Maar dat geldt voor iedereen natuurlijk.
Maar voor een paus is zoiets anders.
Het lijkt me best lullig hoor.
Om als paus te overlijden.
Hier op aarde ben je natuurlijk helemaal het mannetje.
Dat je paus bent, dat kan niet iedereen zeggen.
Maar als je eenmaal in de hemel belandt...
Dan ben je ineens met z'n allen.
Hele identiteit weg. Plof.
Been there, seen it, done that.
Verzin dan maar eens iets dat de rest van die overleden paustypes niet heeft.
Ik zou het niet weten.
Ze doen al jaren hetzelfde kunstje tenslotte, daar in dat Vaticaan.
Makro II
Het was beter voor de Makro dan voor mij.
Op de terugweg gingen we een nieuwe route proberen. we waren op de fiets. We gingen door berg en vooral dal. En na anderhalf uur waren we thuis. Boos op de fietsen en de slappe plastic tasjes en op de Makro natuurlijk. Als die er niet geweest was, waren we allang thuis geweest.
Thuis pakte ik alles uit. Deo's, tapasbakjes, een vest, een doucheophangrekje, doucheschuim, nog meer tapasbakjes en dertien meegejatte kledinghangertjes. En dan heb ik het nog niet eens over de Nike's, broeken, sokken en tandenborstels.
Allemaal non-food. Niks M&M's, laat staan met nootjes.
Aan de food kwamen we niet toe. Het was al tien uur en de Markomensen wilden ook wel eens naar huis. Ze lieten voor het gemak de beveiligingsstukken aan een schoen hangen. Best hip hoor. Als je niet beter wist, zou je denken dat het zo hoorde. Ik hoop alleen dat mijn pinpas niet gedemagnetiseerd is.
Makro
Ik ga naar de Makro. Ik ga naar de Makro. ik ga naar de Makro.
Ik ben zo'n zin.
Eerst nog een dag werken en dan....tada.
Ik ga samen met P. Hij heeft een pasje.
Of ik iets ga kopen, dat weet ik nog niet. Misschien een paar glazen, of M&M's met nootjes.
Het gaat niet om het kopen. Het gaat om de Makro. En dat ik naar binnen mag.
Dat zouden ze eigenlijk bij alle winkels moeten doen, een pasje.
De watjes zijn op. Jippie.
Een meisje loos
Dit weekend had ik geen internet.
Ik was uit logeren. Het was heel leuk. Maar ik had geen internet.
Eerst heb ik TV gekeken. Ik had geen nieuwe berichten.
Ineens begreep ik dat ik dit weekend genegeerd werd. Dat iedereen over me roddelde, nu het kon.
En ik kon er inderdaad niks aan doen, vanuit de echte wereld.
Ik heb daarom gewandeld en poffertjes gegeten. Hele lekkere.
Net goed.
De Parade
Vroeger, toen mensen geen TV hadden en nauwelijks konden lezen, gingen ze wel eens een potje tonelen. Je moest toch wat, dat snap ik best.
Nu heeft het iets ongemakkelijks. Verklede mensen die net doen alsof ze op - zeg - de camping zijn en heel hard naar elkaar staan de schreeuwen.
En jij je maar inleven. En maar hopen dat je buik niet mee gaat doen.
Toch ben ik naar de Parade geweest. Gisteren. Voor het eerst. Het was een uitje. Met z'n allen naar de Parade, nu het nog kan.
Als je naar de Parade gaat zie je hoe het zou zijn als heel Nederland links zou stemmen. Iedereen is blij en gunt elkaar van alles. Twee kleuren haar en een paarse doorkijkbroek, en daar moeten twee jongetjes dan pappa tegen zeggen. Moet allemaal kunnen. En natuurlijk betalen we allemaal vijf euro voor een kopje verse muntthee, want daar kun je mee gezien worden.
Het motto van de Parade is vooral: vroeger was de Parade veel leuker. 10.000 mensen kunnen je zo vertellen dat er een paar jaar terug nog bijna nie-mand was. Behalve zij. Geen WCs en geen eten en drinken, nou dat was het hoor. Helemaal 1 met het gras langs de Zuidas.
Onwaarschijnlijk leuk allemaal. Wat alleen misschien wat minder is, is dat we gingen nu het nog kan. Parade-publiek is 1 ding, Parade-publiek dat nog een keer gaat - nu het nog kan - is een tweede. Dat weet al wanneer het hard moet lachen en waar ze hun nacho's moet halen. Daar kun je nooit tegenop. Mijn poging tot het halen van een bakje nacho's loopt bijna uit op een handgemeen. Kennelijk zijn in mijn afwezigheid de afgelopen week allerlei ongeschreven regels ontstaan. Zoals het nooit vragen om een bakje nacho's aan een houten bar waar Nacho's op staat. Weet ik veel.
Dan maar een kopje soep. Met stokjes. In onze worsteling komt een groep jongeren uit Soweto op ons af (deden ze bij iedereen hoor, dat je niet denkt dat wij iets voorstellen daar). Of we naar hun voorstelling komen kijken. Een jongen lijkt een beetje op Snoop Dogg, en het is gratis, dus ik vind het best. We lopen achter ze aan.
Five euros please.
Dat vind ik dan zo lullig. Vijf euro is pinda's op de Parade, dus daar gaat het me echt niet om. Maar waarom zou je daar nou over liegen? We staan een beetje te mokken voor de jongeren van Soweto, die een menselijk poortje voor ons vormen om het nog extra pijnlijk te maken.
Een Montessori-meisje komt op ons af. Duidelijk niet afkomstig uit Soweto. Ze loopt op blote voeten en heeft haar hoofd in de reet van een felgroene badstof kikker gedouwd. Zoals een alpino, maar dan was het dus een kikker.
"Wat? Gaan jullie nu niet?" ze kijkt heel boos.
"Wie ben jij?"
"Jezus, wat die mensen doen is zooooo bijzonder, waarom gaan jullie nou niet?"
Ik weet niet waar ze zich mee bemoeit, maar om van haar af te zijn lopen we door het poortje van die Soweto-types.
Het was mooi, het had alles: lichamen, ritme, humor, verhaal. Ik had kippenvel en een brok in mijn keel toen het was afgelopen. Ik was meegezogen naar Soweto. Het was het enige moment van de avond dat ik geloofde dat mensen oprecht theater als medium hadden gekozen. En niet omdat ze anders in elkaar geslagen werden op het Vrije Schoolplein.
Dood en jarig
Omdat mijn opa eigenlijk 103 zou zijn geworden, gingen ze met z'n allen uit eten. Mijn vader en moeder en dan nog allemaal tantes en ooms en andere constructies van boven de 55.
Waarom eigenlijk? Als je jarig bent dan vier je dat je toch maar weer een jaartje ouder bent geworden. Ondanks alles wat mis had kunnen gaan.
Tenminste, zo vier ik het meestal.
30, echt je bent 30, der-tig jaar, zonder een schrammetje, 1-2-3-4-5- en ga zo maar door, dat doe je goed, dat hou je lang vol, jeeeeemig wat een prestatie.
Taart! En ook nog nieuwe sloffen!
Als je ook je verjaardag viert als je dood bent, wat valt er dan eigenlijk te vieren?
Het slaat allemaal nergens op. Verjaardagen bestaan niet, net als Sinterklaas en Actionman.
We zijn er allemaal ingetrapt, wat ik je brom.
Gedicht van Donald Rumsfeld
The Unknown
As we know,
There are known knowns.
There are things we know we know.
We also know
There are known unknowns.
That is to say
We know there are some things
We do not know.
But there are also unknown unknowns,
The ones we don't know
We don't know.
-Feb. 12, 2002, Department of Defense news briefing
Scheetjes
Een van de mooiste meisjes van het Pallas College zat een tijdje bij mij in de klas.
Ze liet vaak scheetjes.
Zomaar. Zonder te gaan verzitten of te giechelen.
Haar ouders zeiden dat het ongezond was om scheetjes op te houden.
Ze was nog steeds wel mooi hoor, maar toch.
Spannend
Als je in een sleur raakt, dan is er allemaal niks meer aan.
Dat at ik gisteren ook nog, denk je dan. En mijn haar zit ook altijd hetzelfde. Straks wordt het kerstmis en dan eten we meer vlees en voor je het weet zit je weer thuis met de gordijnen dicht. Omdat het zo warm is.
Vette hap.
Fopje heeft last van sleur. Ze kijkt voor de duidelijkheid heel boos en scheldt me soms uit: Ik haat je en die brokjes komen ook mijn neus uit.
Gisteren probeerde ze me te pootjeliften, maar dat was mislukt.
Maar van nu af aan wordt alles anders.
Fopje heeft sinds vanmorgen een imaginaire buurhond.
Zodra ik de deur naar de gang openmaak stuift ze weg: achter de waterkoker of onder de kachel.
Spannend hoor.
Ze is nu aan het intervaltrainen. Ter voorbereiding op de grote confrontatie.
Bed, bank, computer. Drie rondjes rond de subwoofer. Beetje spinnen en een potje miauwen op de vensterbank.
Dan weer van voren af aan.
Doe mij zo'n leven.
Incasso
Mevrouw Schavemaker, u heeft de huur van april niet betaald. Bent u helemaal gek geworden? We zijn nu echt boos en daarom moet u zevenendertigeuroennegentig cent extra betalen. En wel nu. Aan de balie. U vindt ons in Kotsmeer, vlakbij de afslag naar Pussenaar.
Tot zo.
"Maar ik heb betaald"
"Jazeker. U betaalt altijd netjes. Alleen april heeft u niet betaald."
"Ik heb alleen de rekening voor augustus nog liggen."
"Augustus is betaald."
"Niet."
"Jawel hoor."
"Ik weet toch zelf wel of ik betaald heb of niet."
"Blijkbaar niet. April staat nog open. Dat zie ik zo."
"Je krijgt augustus van me."
"We willen uw augustus niet. We willen april."
"April heb je al, gretige trut."
"Uw betaling voor april is geboekt op mei."
"En mei op juni?"
"U heeft alles betaald behalve april."
"Waarom zou ik alles betalen behalve april?"
"Misschien heeft u klachten?"
"Klachten? Dit is het beste huis wat ik ooit heb gehad. Het kost geen flikker en jullie repareren binnen een dag mijn geiser als het moet. Ik zou er nog het dubbele voor betalen. Al is het maar om jullie handige onderhoudscontractfolders te sponsoren."
"Mevrouw..."
"Ja."
"Ik moet andere lijnen aannemen. Wilt u april betalen?"
"Ga uw gang. Ik ga mezelf eerst een partijtje verhangen. Daarna zien we wel weer."
"Dank u wel."
"Graag gedaan hoor."
Goth
Er zit een nieuw tentje bij mij om de hoek. Als je daar 's avonds langskomt staan er allemaal Goths voor de deur.
Ik denk dat ze naar binnen willen. Omdat het daar leuk is . Of omdat ze daar met z'n allen zijn. Denk ik hoor.
Ik ben ook wel eens naar Gothic feesten geweest. In de Paradiso, en in de Inrichting (das een kraakpand, heel stoer). Want ik vind die muziek leuk. En iedereen heeft nog wel een zwart T-shirt ergens.
Goths zijn hartstikke aardige types. Niemand dringt voor bij de jassen en ze zeggen sorrie als ze op je tenen staan. Dat waardeer ik enorm.
Als ik langs die Goths fiets voor dat tentje bij mij in de buurt, dan wil ik altijd laten weten dat ik ook een heel klein beetje gothic ben.
Jongens, ik vind de oude Sisters of Mercy het beste!
Ik heb Clan of Xymox nog gezien toen Louise net als singeltje uit was!
Ik vind jullie leuk! Jullie mij ook?
Zou ik wel willen zeggen.
Maar dat doe ik natuurlijk niet. Zo achterlijk ben ik nou ook weer niet.
Dan lijk je wel zo'n idioot met een PinkPop T-shirt: Ikstonderbijenikkanhetbewijzen.
Ik heb iets anders bedacht. Iets heel subtiels. Omdat ik de gekleurde lenzen voor mijzelf net iets tever vind gaan koop ik een van dees.
Ik stop 'r in een mandje voorop mijn fiets.
En dan een beetje bellen en zwaaien, denk ik zo.
Snoop
Ik dacht
altijd
dat het
Snoopy Dog
was...
En weet je...
Ik vind m eigenlijk heel goed
die Snoop Dogg
Dan toch maar een spijkerbroek
Ik heb ook zo'n broek met van die zakken aan de zijkant.
Donkergroen.
Hij is wijd en pluffig en je ziet mijn voeten niet meer als ik gewoon rechtop sta want ik heb maat 36 van schoenen en die broek heeft hele wijde lange pijpen.
Ik heb 'm toch steeds weer aan. Omdat het zo warm is.
Maar nu niet meer.
Ik stond aan een buitenbarretje bier te drinken. Omdat het zo warm is.
Het was niet eens zo laat, maar alles was al misgegaan. Ik had krokettenslijm op mijn knie gemorst en ik was al gestruikeld waardoor mijn t-shirt vol koffie zat. Als ik slippers aan heb struikel ik altijd. Maar ik had toch slippers aan. Omdat het zo warm is.
Wat een lekkere broek heeft ze aan he?
Hoor ik van achter.
Ik zie aan het gezicht van degene met wie ik het buitenbarretje deel dat het over mij gaat.
Ik dacht dat mannen van strakke rokjes hielden.
Deze niet.
Mijn buitenbarsparpartner reageert adequaat.
"Wil je er ook een? Ik heb er nog wel een in mijn tas hoor."
"Zijn jullie samen?"
"Ik regel haar broeken."
Ik draai me om.
Als een hagedis loert hij naar mijn broekenleverancier. In zijn rechterhand wankelt een vol dienblad.
Zijn huid ziet er een beetje bezeten uit.
Hij kan nu vooruitlopen en ons te lijf gaan of gewoon weglopen.
Hij kiest er na enige twijfel voor om met hetzelfde fanatisme waarmee iemand je te lijf gaat achteruit te lopen. Hij blijft kijken. Vooral naar mijn broek.
De keerzijde van de zomer.
Ik doe toch maar weer een spijkerbroek aan.
Maangruis
Ik zat eigenlijk best lekker. In de vensterbank van een huis. Volgens mij was ik op vakantie, want ik keek of ik vallende sterren zag. De planeet die net op de aarde lijkt maar dan met meer kraters kwam hard op de aarde af. De planeet raakte ons niet. De volgende wel. Ik wist niet dat er twee waren.
Ik ben zo geschrokken.
Niet lang daarna ontplofte de maan. Wat de functie van de maan is, dat weet ik niet meer zo precies, maar dat ie ontploft is kan nooit veel goeds betekenen.
Iedereen zat onder het maangruis. Dat zitten ze waarschijnlijk nog steeds, maar ik werd wakker.
Niemand lijkt zich te bekommeren om wat er is gebeurd. Omdat ik het gedroomd heb. Maar als je droomt, dan weet je dat helemaal niet. Dit is het engste was ik ooit heb gezien. Of zo voelt het nu.
|
|
|