Onzichtbaar (2)

S. en ik proberen het maar weer eens.
We gaan naar café Museum, tegenover het Tropenmuseum.
Daar is het nog eens knus 
ondanks dat het voltallige personeel op Frederique Spigt lijkt
en de verwarming uit staat.
Ik zwaai krampachtig naar de bar-Frederique.
Daar komt ie.
"Zeg het maar"
"We willen Palm"
"2 Konink?"
"Ja..."
S. en ik doen al nergens meer moeilijk over. Als ze geen Palm hebben, dan wordt het Konink. Of cassis of malibu. Als we maar wat te drinken krijgen.
Ik maak een  - in elk geval voor mij- onverwachte beweging.
Daar gaat de Konink. Zo over de tafel, S., de tas van S.
Ik loop naar de bar. Ik vraag een doekje. Ik vraag het heel lief.
Hij loopt wel even mee, de bar-Frederique.
En dan maakt hij alles schoon.
"Mogen we de kaart?"
"Ja hoor"

Twee porties lamskotelletjes met muntsaus (10 euro per bord=helemaal niet duur) zijn S. en ik dik tevreden. Voortaan weten we hoe we moeten bestellen en betalen. Je flikkert iets om en daar staan ze. Dan moet je ze alleen nog zien vast te houden. Maar dan ben je met z'n tweetjes. En Frederique Spigt is niet overdreven sterk ofzo.

Café Museum krijgt een 9 van Femster

Gestolen

Er is van alles gestolen.
Iedereen is dingen kwijt.
Er is ingebroken in ladenblokjes
waarvan de sleutels goed verstopt waren hoor.

Ik ben niks kwijt.
Mijn Kenny Talking Deskmate staat er gewoon.
Inclusief batterijen.
Mijn radio 3 kuiken ook.
Maar daarvan is het zonnebrilletje ook al een beetje stuk.
Ik mis niks hoor.
Ik heb alles gecheckt.
Hoe niet-populair kun je helemaal zijn?

Stil

Het is kwart voor 9 en het regent.
Er staat een jongen stil.
Ik bestudeer hem vanaf mijn fiets.

Hij heeft een zwarte jas met een kapusjon.
Hij zoekt iets in een tasje.

Een jongensmeneer loopt met grote passen ergens heen.
Hij kijkt naar de jongen die stil staat.

Een auto is ook onderweg.
De mevrouw in de auto is de enige van ons die droog is.
Ze kijkt naar de jongen die stil staat.

Als je echt wilt opvallen, dan moet je stil gaan staan.
Middenin het Amstel Bussiness Park.

Sneeuwscooter

Ik moet binnenkort weer op wintersport.
Schnitzels eten, bier drinken. Warme sokken aan.

Hartstikke leuk.

En dan nog af en toe de berg af.
Maar ik weet al hoe.
In Skandinaafieje doen ze echt niet ingewikkeld met sneeuwborden enzo.
Daar stappen ze gewoon op de brommer.

Onzichtbaar

Als S. en ik ergens heen gaan, dan ziet niemand ons.
Toen ik me gisteren door de rode hanskazangordijnen had geworsteld om mijn entree te maken in café Koosje, zat S. al aan een Palm. Middenin de tent, met uitzicht op de bar.
Vanavond moest het gaan lukken. Terwijl ik das, jas, tas afpelde, vroeg een jongen al of ik iets wilde drinken.
S. en ik hadden er alle vertrouwen in.
Daar zaten we dan. Met z'n tweetjes. In het midden.
Het bleef bij de eerste consumpties.
Nadat we drie kwartier op onze stoel hadden staan zwaaien naar de bar kwam een meisje op ons af.|
"Ja"
"Ja", zeiden wij maar terug.
"Wat willen jullie?"
"Eten. Tweemaal alsjeblieft."
Niet grappig. Niet grappig. Weg was ze.

Het duurde al met al 4,5 uur. Toen hadden we de kaarten gekregen, besteld, elk een bordje eten en de rekening. Het voorgerecht waren ze vergeten. We zeiden maar niks. We hadden ook nog wel wat willen drinken. We zeiden maar niks.

Linklijstjes zijn uit

In elk geval is het in om je linklijstje te wissen.
Ik heb ook geen linklijstje meer.
Maar dat is dan weer per ongeluk gegaan.
Ben je dan wel hip? Als je per ongeluk hip bent?
Als je niet weer maar nog steeds Quick-gympies hebt.
Als je vader een Vespa voor je heeft gekocht omdat die zo zuinig is.
Ik heb geen Quickies en geen Vespa hoor.
Ik ben alleen mijn linklijstje kwijt.

Ribbelchips

Het duurde heel lang voordat er een bioscoop in Zoetermeer kwam.
Het duurde heel lang voordat er een centrum in Zoetermeer kwam.
Een jaar of 15. En toen was er het Stadshart. En de bioscoop moest in het Stadshart komen.
Vandaar. Logisch. Of in elk geval begrijpelijk.
Renée en ik gingen altijd naar Babylon met de sprinter.
Daar was een bioscoop waar alle films tegelijk draaiden.
Viel Karakate Kid tegen, dan kon je halverwege zorgeloos overlopen naar Pretty in Pink.
Toen Zoetermeer een eigen bioscoop kreeg, wilden we die best eens proberen.
Het was een donkerrode bioscoop. Van binnen dan.
Je mocht gewoon roken vanuit je pluche. En je had allemaal een eigen schemerlampje.
En je kon er dingen bestellen met je eigen telefoon.
Op het konijn-in-borrelende-pan-moment kon iemand zomaar ineens in je oor sissen
"Twee ribbelchips. 1 Paprika, 1 gewoon. Groot ja. En een tomatunsap. En een cola. O ja, en blokjus kaas. Jonge."
En dan kwam er iemand, met een schortje voor, die via het waterdichte telefooncentralesysteem met nummerherkenning precies wist waar het woodenlook dienblaadje heen moest.
Maar dan was het toch altijd de verkeerde plek. Dus dan moesten ze bij alle rijen langs.
"Twee ribbelchips, tomatunsap, cola en een kaas"
"..."
"Twee ribbelchips, tomatunsap, cola en een kaas"
"..."
"Twee ribbelchips, tomatunsap, cola en een kaas"

Eigenlijk was dat het leukste van de hele film.
Eigenlijk was dat het leukste van Zoetermeer.

Een nieuw potje jaargetijden

Als de middelste lift me eindelijk op komt halen, ben ik allang niet meer de enige die naar boven wil.
De kantineur wil ook naar boven.
Een robuust gebouwde programmeur wil ook naar boven.
Twee meisjes met lange, in zoete wetlookgel geknepen krullen willen ook best naar boven.
Ze werken bovenin. Dat zie je zo.
Daar gaan we.

“Gelukkig nieuwjaar hè?” zegt het ene wetlookmeisje tegen het andere dat ongetwijfeld Shania heet.
“Jij ook de beste wensen”. De kantineur kan achter de rug van de programmeur onmogelijk weten tegen wie-wie iets zegt.
“Dat mag je niet zeggen. Gisteren was de laatste dag”, bijt Shania.
“Ooooh sorry. Ik was gisteren vrij.”
Shania strijkt eens over haar hart en knikt streng naar haar geurgenote zo van vooruit dan maar.

Je mag niemand meer een vrolijk nieuw potje jaargetijden wensen, want 2004 is al niet nieuw meer. Voor mij wel hoor. Ik heb de grootste moeite er in te komen. Geen idee wat ik moet doen de hele dag. Ik ga naar mijn werk, zit acht uur stil en dan begin ik weer een beetje rond te lopen. De top 2000 aller tijden is afgespeeld. Ik verveel me kapot.