Kantiny

Heel veel dingen zijn anders op mijn nieuwe werk. Zoals het werk. En de computer. En de printer staat ergens anders. En het papier ook, maar waar dat weet ik niet. Maar 1 ding is hetzelfde. De kantine. Eerst hadden we Anneke, nu hebben we (Kan)Tiny. Ze kan er niks aan doen, maar Tiny=Anneke. Of andersom. Allebei kort blond haar. Allebei rode blosjes. En allebei elke dag hetzelfde assortiment op dezelfde plek. En op dezelfde dagen van de week dezelfde specials. Gehaktballen met pindasaus, uiensoep of pasteitjes. De tijd staat stil in de bedrijfskantines van Amsterdam. Ik kan er oud zijn of jong. Ik kan daar werken of hier. Ik rol me elke dag tussen 12 en 1 een kwartiertje lekker om in Kantine Routine.

Wij zijn fris, want we komen van buiten.

Dat waren de woorden van Walter toen we in de eerste klas van de Rietveld zaten. En fris waren we nog steeds toen we weer naar buiten gingen. Maar dat terzijde.

Ik werk hier nu 7 weken. En ik ben nog steeds fris. Dat is goed zeggen ze. Ik moet zo fris mogelijk blijven. Daarom zochten ze namelijk iemand van buiten.
Tot nu toe ga ik steeds op de fiets. Om elke dag zo fris mogelijk binnen te komen. Ookal vriest het. Ik ben 1 keer met de bus gegaan, toen ik een lekke band had. Maar nog nooit met de auto. Als je met de auto gaat, kom je niet echt van buiten. Dan ga je van binnen naar binnen.